Een wereld van verschil

Argentinië is echt een aparte wereld op zichzelf. We begonnen onze trip in dit immense land (het 8ste grootste ter wereld) in de hoofdstad Buenos Aires. Een stad die dankzij de Europese immigranten een beetje doet denken aan Parijs, maar een heel eigen ziel heeft. Daarna vertrokken we op ‘expeditie’ naar Patagonië: eerst naar het mooie zuidelijke gebied met helderblauwe meren, glesjers, besneeuwde bergen, uitgestrekte droge vlaktes,… Vervolgens trokken we naar het merendistrict met opnieuw meren, maar deze keer donkerder van kleur en omzoomd door groen beboste heuvels en houten huisjes op zijn Zwitsers. Om vervolgens de reis door Patagonië te eindigen in Peninsula Valdes, een droge vlakke en ruwe omgeving vol van ‘wildlife’: guanaca’s, pinguïns, zeeleeuwen en –olifanten en natuurlijk orka’s!
Het vervolg van de reis toont vooral aan hoe diverse landschappen er in Argentinië bestaan. Na onze terugkeer naar Buenos Aires reizen we namelijk verder naar het uiterste oosten van het land om er in de hete en vochtige jungle de Iguazu watervallen te bewonderen. Om daarna het hele land weer te doorkruisen naar het noordwesten; waar een droog, bergachtig, kleurrijk en vooral ‘buitenaards’ landschap op ons staat te wachten.

Maar toch vinden we doorheen al deze verschillen ook dingen terug die de Argentijnse cultuur vormen en die we overal tegenkomen: de tango, het drinken van maté, het aanbidden van Gauchito Gil (een soort Robin Hood hier), dulce de leche, wijn,  asado’s met steak, de siësta en het niet zo nauw kijken op het uurwerk, de stakingen en protesten (waarbij voor een regeringskantoor gekampeerd wordt),…

Laten we zeggen dat een reisje door Argentinië niet snel verveelt!

Zoals gezegd vertrekken we dus vanuit Buenos Aires naar onze volgende bestemming Puerto Iguazu, voor het bezichtigen van de bekende Iguazu watervallen. Opnieuw een lange busrit van 17 uur, maar deze keer hebben we besloten om de meest luxueuze versie te nemen. En we zijn blij dat we dat gedaan hebben! De service lijkt ons te vergelijken met business klasse in het vliegtuig; welkomstdrankje, fatsoenlijk eten, een eigen entertainment systeem met keuze uit de nieuwste films, champagne of whisky na het eten en vooral: een zetel die compleet plat gaat en een goed kussen en proper dekentje! Oh ja, en wifi aan boord…  Heaven! Jammer dat we dit niet eerder wisten, want voor de volgende ritten bestaat deze service niet meer. Enfin, we genieten dus van de busrit en komen de volgende ochtend aan in Puerto Iguazu waar de warmte en de vochtigheid op ons vallen (in de bus ben je best wat warmer aangekleed met de koude airco). We zoeken onze hostel op (met mini zwembad) en gaan daarna lunchen in de stad. De rest van de namiddag hebben we niets gepland en meestal vullen we zulke momenten op met skypen, lezen of voorbereiden (of blog schrijven).

Het bezoek aan de watervallen staat voor de volgende ochtend op het programma. Tenminste het bezoek langs de Argentijnse kant, die 80% van de watervallen bevat. De naam Iguaçu betekent "groot water" in de indianentaal Guarani en GROOT zijn ze inderdaad: het geheel bestaat uit 270 tot 300 watervallen en is hiermee zo een 2,7 km breed (breder dan de andere beroemde Victoria watervallen in Afrika). Het water valt op sommige plekken tot 82m naar beneden.

We nemen dus de bus die ons afzet aan de ingang van het park en krijgen allebei meteen een beetje de indruk van in een pretpark beland te zijn; een massa aan andere toeristen, souverier- en eetstalletjes, een treintje dat je naar verschillende plekken brengt, en véél wachten! De eerste stop die we doen is de Garganta del Diablo (devilstroat). Om er te geraken moet je eerst via een verhoogde wandelweg over de brede rivier wandelen, terwijl de talrijke vlinders (we zitten in de jungle) om je heen cirkelen. Op zich al een speciale ervaring terwijl je in de verte het resultaat van de devilstroat ziet; een grote wolk van nevel die opstijgt. Na meer dan 1 km wandelen over de rivier, kom je dan op het viewpoint dat bijna boven de waterval gebouwd is. De devilstroats is een grote halfronde waterval van 150m breed en het is echt spectaculair om hier op het randje in de diepte te kunnen staren (hoewel het zicht beperkt is door de nevel): van ver zie je de rivier aankomen, en dan verdwijnt die ineens in een groot gat – bizar en sjiek!

Hierna moeten we het treintje weer op en worden we gebracht naar het vertrekpunt voor een aantal wandelingen: eentje gaat langs de bovenkant van de watervallen (zodat je heel dichtbij bent) en de andere wandelt langs de onderkant voor een beter zicht. We laten ons ook overzetten naar een eiland van waar je nog een beter zicht hebt op een bepaald deel van de waterval. Want door zijn immense breedte is het natuurlijk niet mogelijk om (langs deze kant) een goed overzicht over het geheel te krijgen. En om de dag nog een beetje spectaculairder af te sluiten, besluiten we een boottochtje te doen, waarbij ze onder een aantal watervallen varen: echt te gek (en kleddernat natuurlijk). De jungle, de vlinders, de regenbogen en natuurlijk al dat watergeweld maken het geheel de moeite waard! Samen met twee gasten uit de hostel sluiten we de dag af in een lekker restaurant.

De tweede dag van het watervalavontuur brengen we door in Brazilië (zijn we daar ook eens geweest hé). Ook hier is weer alles netjes georganiseerd met een bus die op verschillende plaatsen stopt. Slechts 20% van de watervallen bevinden zich op Braziliaans gebied, maar de hoofdreden dat iedereen naar hier komt (behalve de Amerikanen die 200 dollar moeten betalen voor een visum) is het feit dat je de een goed zicht hebt (meer een overzicht) op de Argentijnse kant. Zelfs met dit betere zicht op het geheel en met de kaartjes die je krijgt, blijft het toch moeilijk om het te bevatten. Het is echt immens. De Braziliaanse kant heeft maar één wandelpad (en een aantal betalende jungle activiteiten), dus na een paar uur zijn we uitgekeken en trekken we terug naar de hostel voor een verfrissende plons.

To do or not to do – that was the question! In de oorspronkelijke (zeer rudimentaire) planning zaten de watervallen niet inbegrepen. Het is echt een serieuze omweg om er te geraken en zo speciaal zal het toch wel niet zijn zeker?! Maar tijdens de reis bleven we maar mensen ontmoeten die ons voor gek verklaarden en toch écht aanraden om wel te gaan. En ja, we hebben tijd en kunnen flexibel zijn; dus we gaan! Was het nu echt al die moeite waard?! Ja en nee… Het is inderdaad een zeer mooie en speciale plek om te gaan bezoeken, dus we zijn wel blij dat we het gedaan hebben. Maar zouden jullie in België twee busritten van 17 uur doen naar een bestemming, om er dan 2 dagen iets te bezichtigen, en hiervoor 1000 dollar neerleggen?? Ik denk het niet hé ;-)  Dus het was wel een dure en tijdrovende investering :-)

To do or not to do – that is the question. Nog een vraagteken in onze reisplanning: gaan we naar Paraguay of niet? Op zich is Paraguay niet echt een toeristische must-do, maar een nicht van Bart heeft hier (met AFS) een jaar verbleven, en we vonden het wel interessant om die familie te gaan bezoeken. En vermits we in Puerto Iguazu ook vlak langs Paraguay  zitten, is het nu het moment om te beslissen of we er heen gaan. Even opzoeken waar ze precies wonen, want Paraguay is groot en we hebben niet veel zin om dagen in de bus te zitten voor een korte side-trip. Maar toevallig woont de familie op een half uurtje de grens over van Posadas, een Argentijnse stad die toch op ons traject ligt. Dus gauw een mailtje sturen naar Laura (een vriendin van nicht Mieke) dat we vlakbij zitten en of het past dat we langskomen – en het is geregeld. Vanuit Iguazu is het nog 5 uurtjes met de bus naar Posadas, daarna een korte busrit naar de grens en na weer een extra stempel in ons paspoort staan Laura en haar vriend Nico ons aan de grensovergang op te wachten.

Na een lekkere lunch in een sjiek restaurant, besluit Laura ons al meteen mee te nemen naar de Jezuïeten missies: oude kerken en gebouwen die gebouwd werden door de Jezuïeten natuurlijk. Ze voorspellen namelijk stormweer voor de komende dagen, anders geraken we er misschien niet meer. Daarna worden we hartelijk ontvangen door de ouders van Laura, waar we de komende dagen gaan verblijven. Onze tijd in Paraguay staat vooral in het teken van uitrusten en eten – de mama van Laura besluit namelijk om zo veel mogelijk plaatselijke kost te bereiden en kan ook nog eens lekker koken! Woensdag hebben we vooral een relax dag en op het eind van de dag nemen Laura’s ouders ons nog mee naar een plekje bij de rivier, waarbij we een ritje maken door het platteland. Ik heb nog nooit zulke rode aarde gezien, denk ik – en ik heb al vaker rode aarde gezien. Voor de rest is de plek waar we verblijven erg westers, omdat dit het gebied is waar veel Europese immigranten zijn komen wonen. Ook Laura en haar familie zijn van Duitse afkomst, dus erg veel Paraguayaanse cultuur zullen we hier niet echt zien.  De volgende dag brengen we een bezoekje aan een klein museum met oude spullen van Europese afkomst. En de vierde dag is pas de dag dat het onweer losbarst: rode rivieren stromen door het dorp – dus een extra dagje relaxen :-) en een bezoekje aan de plaatselijke maté fabriek. Maté is trouwens een soort thee die ze in Argentinië, Paraguay en Uruguay drinken, waarbij de verhouding omgekeerd is: een kop vol kruiden en slechts een paar slokjes water – dat dan via een metalen rietje wordt gedronken. Daarna wordt bijgeschonken en wordt de kop aan iemand anders gegeven. Een heel ritueel van delen dus en zeer belangrijk hier: overal zie je mensen met kopjes en thermosflessen rondlopen. Namiddag bakken Bart en ik ook speculaas (echte Hasseltse) om iets van België op tafel te kunnen zetten. Misschien is het beginnersgeluk – want was de eerste keer – maar het is echt goed gelukt; de oma’s mogen trots op ons zijn!

Na vier dagen uitrusten en ons vol eten vertrekken we zaterdag toch verder op onze trip. Het was echt fijn om weer een paar dagen een ‘thuis’ te hebben, en om gewoon even niets te doen. En het blijft ook zeer aangenaam om te merken  hoe gastvrij mensen kunnen zijn, hoe trots ze zijn op wat ze kunnen geven, hoe fijn het is dat ze ons welkom doen voelen.

Nadat Laura ons aan de grens heeft afgezet, nemen we opnieuw een korte bus naar het busstation van Posadas waar we een paar uur moeten wachten op de bus die ons in 20 uur naar Salta zal brengen. Deze bus is weer een tegenvaller, geen dekentje deze keer zelfs en het is berekoud op de bus! Echt balen!!  

Salta ligt in het noordwesten van Argentinië en is een veel droger gebied. Het ligt ook vrij dicht bij de Andes, dus het is er bergachtig. Na de koude busrit en dus de slechte slaap, komen we moe aan in het hotel in Salta – even een dutje doen dus. Het is zondag, dus er is niet veel beweging op straat, maar gelukkig is hét belangrijkste museum wel open: het museum van archeologie op grote hoogte. In het kort komt het erop neer dat het hele museum draait om de vondst van 3 kinderen (jongen, meisje en tienermeisje) die als offers aan de goden begraven waren ergens op een zeer hoge top in de Andes. Telkens is er één van de kinderen ‘tentoongesteld’. Er werden ook veel en mooie grafgiften (textiel, sandalen, gouden beeldjes) bij de kinderen gevonden die ook te bezichtigen zijn. Eerst zie je de grafgiften en krijg je uitleg en in de laatste kamer is deze keer de jongen aanwezig. Ik heb er eigenlijk heel gemengde gevoelens bij: het fascinerende van de hele geschiedenis, maar het voelt ook een beetje luguber, en vooral voel ik me heel erg triest om dit kereltje (dat echt in goede ‘staat’ is) daar te zien zitten.

Daarna gaan we een beetje uitwaaien buiten, zoeken we naar een huurauto voor de komende week en bezoeken we nog een klein museum dat stukken bevat van de lokale geschiedenis.

Voor de komende week hebben we dus een auto gehuurd om de buurt te verkennen. Eerst gaan we richting het zuiden, richting Cafayate waar ze wijn maken. Vermits we de beroemde wijnstreek rond Mendoza niet bezochten, kijken we toch wel uit naar een beetje Argentijnse wijnen proeven. We verlaten Salta en laten de bewolkte luchten achter ons terwijl we steeds meer helderblauwe lucht boven ons krijgen. Onderweg passeren we eerst de Quebrada de Cafayate; een landschap van gekleurde zandsteen en speciale rotsformaties zoals bvb het amfitheater, de kikker, het venster (zeer originele en toepasselijke namen trouwens).

Als we in Cafayate aankomen in de hostel, worden we al goed verwelkomd met een glas plaatselijke wijn. Doordat de wijngaarden hier op grotere hoogte liggen, is de wijn hier zoeter en van hoger alcoholgehalte (meer suiker in de druiven – de druiven zijn hier trouwens heerlijk). ’s Nachts – of eigenlijk heel vroeg in de morgen om 4u30 – staan we even op om naar een volledige maansverduistering te kijken. Eigenlijk komt het erop neer dat de maan in de schaduw van de aarde komt te liggen en hierdoor een rode kleur heeft: speciaal!

De volgende dag rijden we eerst naar een plek waar grotschilderingen zijn– om maar niet meteen de ochtend te beginnen met wijn proeven. We zien hier ook voor de eerste keer het landschap vol staan met cactussen. Het wijnproeven uiteindelijk loopt een beetje mis en pas tegen 15u zijn we bij de eerste bodega die gelukkig wel erg lekkere wijn heeft. Daarna bezoeken we nog bedrijfje waar ze geitenkaas maken en dat onverwacht erg interessant is. ’s Avonds eten we empanada’s – een populaire snack – in een plek waar ze een beetje experimenteren met de vulling en wat erg goed smaakt.

Omdat we nog niet veel wijn geproefd hebben, besluiten we de volgende ochtend vooraleer we vertrekken toch nog naar een bodega te gaan. Na een professionele rondleiding mogen we in de zon van hun wijn proeven. Zalig. Het weer is hier heerlijk: een strakke blauwe lucht, lekker warm zonnetje.  

We blijven zelfs te lang hangen en moeten ons nog een beetje haasten. In 2 dagen keren we terug naar Salta, maar deze keer via een andere weg. In de namiddag staat er een rit te wachten die door een zeer fascinerend landschap gaat. In het Engels zouden ze het ‘otherwordly’ noemen – niet van deze planeet. En dat is exact wat de makers van Star Wars er ook van vonden; want hier werden scènes opgenomen voor een film. Omdat de weg door de bergen slingert, is er wel iedere bocht een nieuw fotomoment. Gek toch hoe de wereld blijft verbazen hé.

Tegen de avond komen we aan in een gezellig hotelletje, in een mini-dorpje net voor Cachi. Omdat er hier niet veel te beleven is, aperitieven we eerst onder ons twee met geitenkaas en wijn en nemen daarna de diner (met 3 gangen) in het hotel.

De volgende dag zetten we de tocht richting Salta verder. Eerst passeren we in Cachi, waarna we weer door de bergen rijden. Hier is het uitzicht weer totaal anders; met de bergtoppen van de Andes op de achtergrond. Ook hier zijn weer veel cactussen te zien en daarna rijden we een heel stuk omhoog (3384m) om via de Cuesta del Obispo in misschien wel 100 bochten weer naar beneden te cirkelen tot we weer in een groene kloof uitkomen. Van daar rijden we verder naar Salta, maar we stoppen hier niet. We gaan nog een tweede tocht maken, dit maal naar het noorden. Ook hier is het weer bergen wat de klok slaat en meer authentieke dorpjes. Het voelt hier trouwens eerder aan als Bolivië of Peru: met de cactussen, de lama’s, de donkerdere mensen, het droge berggebied, de kleurrijke stoffen die ze verkopen in souvenierwinkeltjes. We rijden Salta voorbij en komen eerst in een groen gebied – boven Salta en hier hangt trouwens weer bewolking. De weg is weer slingerend en zeer vervelend om te rijden voor Bart, want vaak is de weg maar 1 baanvak breed. Het neemt ook veel tijd in beslag, dus komen we pas ’s avonds aan in Tilcara. Omdat het de week voor Pasen is (Semana Santa) hebben we een hostel geboekt op voorhand, maar bij aankomst blijkt deze dubbel geboekt. Voordeel: zij betalen de andere hostel en we krijgen een gratis avondmaal. Nadeel: de hostel die ze voor ons geboekt hebben is echt shitty!

Gelukkig overleven we de nacht (net) en de volgende morgen maken we ons snel uit de voeten om ergens op een terras in de zon te gaan ontbijten. Daarna rijden we met de auto de berg achter Tilcara op om naar de Garganta de Diabolo te gaan kijken (de naam is wel erg populair trouwens). Dikke duimen omhoog voor Bart, want deze weg is echt wel scarry: gravelweg die omhoog slingert, erg smal op sommige momenten en een steile afgrond aan de andere kant. Gelukkig zijn er niet veel tegenliggers en het uitzicht van op de top is echt wel de moeite waard. Daarna rijden we naar Pumamarca, een dorpje dat aan de voet van een heuvel ligt die bekend staat als de ‘7 colours mountain’. Het is erg druk wanneer we aankomen, want het is Goede Vrijdag en in alle dorpjes hier (erg katholiek) zijn er processies vandaag. We gaan gewoon even naar de beroemde kleuren kijken, die niet echt indrukwekkend zijn na alle mooie bergen die we al gezien hebben. Daarna rijden we verder naar het dorpje waar wij gaan verblijven Humahuaca. We zetten ons in de zon met de wijn die we gekocht hebben in Cafayate. Daarna wandelen we even rond in het dorpje en proberen te weten te komen hoe laat de processie zal vertrekken. Uiteindelijk gaan we toch maar eten, want de misviering blijft maar duren. En natuurlijk net wanneer we ons bord voor ons krijgen horen we de processie voorbij komen. In het hele dorp zijn er stalletjes gemaakt versierd met groen en bloemen waar telkens 1 afbeelding van de kruisiging is vertegenwoordigd. Gelukkig zijn het er 12, dus na het eten gaan we gewoon op het geluid af en zien we eerst verschillende lokale ‘harmonies’ passeren met trommels en panfluiten. Het is eigenlijk echt om te lachen, want ze lijken niet echt gerepeteerd te hebben, spelen door mekaar en sommigen fluiten echt vals. Daarna volgt wat lijkt het hele dorp in een stoet, waarbij een Maria beeld gedragen wordt door enkele vrouwen en een doodskist met Jezus gedragen door mannen. Er wordt zelfs een geluidsinstallatie meegedragen, zodat alles wat de priester via een micro zegt door de hele massa wordt verstaan. We hebben maar geduld voor 1 stop in de koude avond en gaan daarna terug naar de hostel voor de rest van ons wijntje.

De volgende morgen doen we rustig en skypen we een beetje met thuis (zelfs met mama in Afrika). Daarna vertrekken we terug richting Tilmaca, waar we nog een pre-inca fort willen bekijken. Onderweg stoppen we in Uquia om een kerk te bezichtigen waar er schilderijen hangen van engels, die aangekleed zijn als Spanjaarden met wapens.

EN DAN GEBEURT HET... De sleutel van de auto zit nog op het contact en de deuren hebben we natuurlijk gesloten… Sh*t! En Uquia is natuurlijk een dorpje van 3 straten. Na even proberen met de sleutels van andere auto’s – zo simpel is het dus niet – moeten we toch op zoek naar een slotenmaker. Op zaterdag niet aanwezig, nadat we het halve dorp hebben afgezocht. Ook de plaatselijke ‘inbrekers’ zijn op dit moment niet in het dorp. Bart begint een beetje zenuwachtig te worden, want we moeten de auto wel om 19u in Salta afleveren.  Dus besluiten we om met andere toeristen terug te rijden naar Humahuaca, waar we vrij snel de slotenmaker vinden die belooft om zo meteen met de moto naar de auto te rijden. Wij nemen een taxi terug en moeten nog even wachten op de man (ze kijken hier niet zo nauw op het uur), die uiteindelijk eerder inbreker blijkt te zijn dan slotenmaker :-)  Eind goed, al goed – als dit het enige probleem is wat we tegenkomen, daar tekenen we voor.

We leveren de auto op tijd in Salta in en gaan voor onze laatste steak in Argentinië met een flesje wijn bij (de lekkerste maaltijd die we hier hadden zelfs). Daarna lopen we nog even het plein op waar de kathedraal echt bomvol zit (stille zaterdag) en waar sinds een week geleden nog meer tentjes zijn bijgekomen. In Argentinië is het namelijk de gewoonte om bij protesten stakingen te gaan ‘kamperen’ voor een belangrijk regeringsgebouw. De laatste tijd kwamen we al stakende leerkrachten tegen die de weg blokkeerden, en hier op het plein zijn dus tientallen tentjes opgezet, met spandoeken en plakkaten die de toeristen om begrip vragen. Vanavond is er zelfs een klein benefiet of zoiets om meer aandacht te krijgen, want de meeste Argentijnen zijn het zo gewoon dat de ene of andere groep staakt en protesteert dat ze er totaal geen aandacht meer voor hebben. Beetje zielig zelfs. Geen idee of dit voor hen iets oplevert, maar wel knap om te zien hoe vurig deze mensen voor hun overtuigingen kunnen opkomen.

De volgende dag is het Bye Bye Argentina – Hellow again Chili! Vanuit Salta nemen we om 7u de bus voor een 10 uur durende rit over de Andes naar San Pedro de Atacama in Chili. Deze rit is overdag en hoewel het lang duurt, verveelt het niet; het uitzicht in de bergen is geweldig. Just check the photo’s!

De foto’s vinden jullie hier:
Deel 1: Iguazu en Paraguay: https://picasaweb.google.com/117373307902786764885/ArgentinieEenWereldVanVerschil?authuser=0&authkey=Gv1sRgCJn8q_-23fLuPA&feat=directlink

Deel 2: Salta en omgeving:
https://picasaweb.google.com/117373307902786764885/ArgentinieEenWereldVanVerschil02?authuser=0&authkey=Gv1sRgCKPyqIK_t9X6gQE&feat=directlink

Reacties 2

Pierre 02-05-2014 09:50

Keep the best for lest noemen ze dat.
Amaai Zuid-Amerika moet de moeite zijn.
En dan moeten Bolivia & Peru nog komen!
Als jullie volgend jaar wereldreis nr. 2 maken, gaan jullie dan opnieuw die kant uit, kunnen we misschien weer een paar weekjes over komen ?

harry 02-05-2014 20:47

Wordt nog altijd verbaasd van de schitterende natuur die jullie overal ontdekken! Oké, gebouwen en ruïnes kunnen ook mooi en interessant zijn, maar wat je ons nu weer laat zien van natuurbeelden overtreft dit volgens mijn goesting allemaal ruimschoots! Prachtig! Geweldig! Fantastisch! Gepaste woorden bestaan niet volgens mij. Wat moet dat wel niet zijn als jullie dit allemaal in het echt kunnen zien?
Blijf maar genieten van alles!

Reageren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd

Blijf op hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van de belevenissen? Meld je aan voor de mailinglist

Eerdere reisverhalen

Reis blog, ook wel reis webblog genoemd, wordt mogelijk gemaakt door Around the Globe. "Ontmoetingsplek voor en door reizigers". Lees onze Disclaimer