The journey of the Pegasus

“There are divine things more beautiful than words can tell.”

Voila, en daarmee is het hele Nieuw Zeeland verhaal geschreven. Kort en krachtig, geen grote taak voor jullie om te lezen en niet veel moeite voor mij om het te proberen te beschrijven :-)

Maar voor de nieuwsgierige neuzen onder jullie wil ik gerust nog wel een inspanning doen om de indrukken en de verhalen van de eerste twee weken hier even neer te pennen. Met die voetnoot dat het mooie dat Moeder Natuur hier geschapen heeft, niet in woorden te omschrijven valt en dat de foto’s (hoe mooi ze ook zijn) de realiteit onrecht aandoen.

Nu heb ik jullie wel warm gemaakt hé?!

Onze eerste nacht in NZ brengen we al wachtend door op de luchthaven van Christchurch, waar men voortdurend de reizigers die op de grond of op de stoelen liggen wakker maakt (enkel zítten is toegestaan – en dat slaapt dus niet lekker). Het is ijskoud, iedereen zit in een slaapzak weggemoffeld (en die hebben wij niet bij) en het regent! Het is nu niet omdat we in Australië zalig weer gehad hebben, dat we nu moeten gestraft worden hé! We voelen meteen mee met de Belgische medemens en ieder spoor van heimwee wordt door het slechte weer meteen verdreven. Om 9u gaan we onze camper ophalen bij Escape. De campers zijn bekend omwille van het feit dat ze allemaal beschilderd zijn met verschillende thema’s en ze hebben zelfs een eigen naam. Wij krijgen ‘Pegasus’ mee – een camper beschilderd met Pegasus (jawel – het gevleugelde paard) en Zeus met zijn bliksemschicht. Niet slecht – we hopen dat het een mythische reis wordt :-) Het is een koude dag en we vrezen dat we te weinig warme kleding bijhebben; dat wordt dus weer shoppen! We trekken het centrum in van Christchurch, dat in 2011 werd getroffen door een zware aardbeving. Blijkbaar stortten er maar 2 gebouwen in, maar de gebouwen van de hele binnenstad zijn praktisch allemaal onbruikbaar verklaard. Nu nog steeds is de binnenstad een combinatie van oude leegstaande winkels, nieuwe containergebouwen ter vervanging van het shoppingcentrum en afgebroken gebouwen. Een heuse bouwwerf… vreemd om te zien. Na het kopen van iets met lange mouwen, een kampeer- en wegenatlas en voorraad, slaat de vermoeidheid echt toe. De eerste gratis kampeerplek ligt nog een uur rijden, ik hou mijn ogen niet meer open, maar Bart redt het nog net. De rest van de dag en nacht slapen we weg aan de rand van een meer. Zou niet slecht zijn, moest het niet koud, grijs en nat zijn.

De volgende dag brengt niet veel beterschap. We rijden verder naar de Banks Peninsula naar het stadje Akaroa. De peninsula is eigenlijk een uitgedoofde vulkaan en de zee vult het midden van de vulkaan. Heel mooi om te zien, hoewel het waarschijnlijk nog mooier zou zijn als we écht de randen zagen, zonder mist en regen. We zijn nog een beetje onze weg aan het zoeken en weten niet goed wat te doen met het slechte weer (ik ben er ook wel slecht gezind van). We lopen wat rond in Akaroa en zetten ons in de bib om te internetten. We besluiten om de volgende dag toch maar iets te gaan ondernemen, we kunnen niet blijven wachten op goed weer hé. We rijden dus voor die avond naar een camping, hoog op de heuvel gelegen, van waaruit kayak trips vertrekken. De volgende morgen staan we klaar voor een kayakuitje op zee, waardoor we hopelijk hectordolfijnen gaan zien. Hectordolfijnen zijn één van de kleinste soorten (gemiddeld 1.4 m) en komen alleen in NZ voor. Die willen we wel eens van dichterbij zien. Het is nog steeds miezerig weer en wij hebben de gids voor ons alleen, die ons begroet met: “Dus jullie zijn die dapperen die vandaag willen gaan kayakken”. Omdat het zo nat is, kunnen we ook niet met de jeep naar beneden, dus moeten we de heuvel te voet naar beneden (en later terug omhoog). We kruipen de kayaks in en worden op het water geduwd. In het begin zitten we nog in het rustigere midden van de krater, maar omdat de dolfijnen meer richting de zee zitten, moeten we meer de golven in. Op zich lukt het nog aardig voor een eerste keer kayakken, behalve dat ik er precies toch een beetje een zeeziek gevoel in mijn buik van krijg. Na toch wel vrij lang wachten en peddelen worden we beloond met een bezoekje van 3 dolfijnen rond en onder de kayaks. Cool! In het teruggaan zien we in de verte nog een pinguïn. Een geslaagde trip, ondanks het slechte weer.

’s Namiddags trekken we terug richting Christchurch waar we heel lekker eten bij een Marokkaan. Er werd ons gezegd dat we meer naar het zuiden een kolonie penguïns konden zien, dus we rijden nog even verder, want ze komen pas ’s avonds aan land. Het blijkt toch verder te zijn dan ons verteld was en we zijn al laat en bovendien moeten we 45$ inkom betalen om ze te mogen zien. Dat slaan we dus over en we hopen ze  later in het wild nog tegen te komen.

De volgende dag besluiten we van ons plan af te wijken en tóch bij een oude kennis van Bart op bezoek te gaan (Keppel, een AFS student die ooit bij hem in de klas zat). Eerst gingen we niet, omdat het een serieuze omweg is, maar we hebben extra dagen op het zuid eiland dus we hebben er wel tijd voor. Waarom we extra tijd hebben? We zijn blijkbaar laat geweest om de ferry overtocht te boeken tussen de 2 eilanden; en ondertussen is er 1 ferry ook nog stuk; dus het was nog een geluk dat we aan de andere kant geraken. We wilden eerst rond de 22ste dec oversteken, maar het eerste wat vrij was is de 27ste. Hierdoor hebben we wel maar 3 dagen om iets van het noord eiland te zien. Gelukkig dat het zuiden het mooiste blijkt te zijn dan!

Enfin, we rijden dus naar Dunedin, waar Keppel woont en bezoeken weer een museum (weer gratis; waarom hebben wij dat in België niet?!) waar we deze keer wat meer leren over de plaatselijke oorspronkelijke bewoners; de Maori. Hier is de geschiedenis gelukkig wel beetje anders verlopen in vergelijking met de Aboriginals, hoewel de Maori natuurlijk nog serieus zijn afgezet door de Engelsen. We zien ook niet echt ‘Maori mensen’ op straat of zo; blijkbaar zijn ze goed ‘vermengd’ met de blanken. Na zijn werk ontmoeten we Keppel en zijn vriendin Emma in een bar; jippie – onze eerste biertjes! En ze zijn nog lekker ook! Daarna rijden we naar hun huis waar we kunnen logeren en waar Bart voor hen kookt. Ze hebben net een ‘stukje’ grond gekocht en moeten er het hele weekend gaan werken , maar wij houden ons wel in ons tweetjes bezig. De volgende dag is het voor de eerste keer echt zonnig en bezoeken we het Otago Peninsula. Eerst rijden we naar het verste punt waar de enige kolonie ter wereld albatrossen aan land zou zitten. Manman, ze (de mensen, niet de albatrossen) profiteren van de toeristen! Weer 45$ inkom; daar hebben we geen zin in. We wandelen naar de kliffen in de hoop ze daar gratis te zien (wat regelmatig gebeurt), maar deze keer hebben we geen geluk. Och ja, het zijn ook maar gewoon gróte vogels hé ;-)

De rest van de dag verkennen we de stranden van het peninsula. Een zonnige dag, maar o jee wat een wind! Later horen we dat er winden tot 94km/u stonden. Geen zomerkleedjes dus, wel goed ingeduffeld. Ben es benieuwd hoe lang ik mijn bruin kleurke van Haïti en Australië zo kan houden… We wandelen vlak langs zeehonden en zeeleeuwen: ook sjiek! Op Sandfly Bay zijn er enorme duinen, waar de beesten op het strand liggen. Die duinen terug omhoog gaan, was soms echt klauteren op handen en voeten. Niet normaal! De baai noemt volgens ons trouwens naar het feit dat het zand daar hoog opwaait en niet naar de zandvliegjes. Daar werden we dus op voorhand voor gewaarschuwd: in Australië zijn het de vliegen die ambetant zijn; in NZ zijn het de zandvliegjes. Ze zitten vooral aan de West-kust en bijten waardoor je enorm jeukende bultjes krijgt. Volgens een of andere legende waren de goden jaloers op de mooie Westkust en hebben ze daarom die vliegjes geschapen; zodat mensen nooit lang op één plek zouden kunnen genieten. Het vervelende is gewoon dat je daardoor vaak niet op je gemak buiten kunt zitten en dat ze met tientallen de camper invliegen zodra er een deur open gaat.

We slapen nog een nachtje bij Keppel en worden ook uitgenodigd om samen met hun Nieuwjaar te vieren bij de ouders van Emma op het noord eiland aan het strand; ok!

Zondags vertrekken we richting het zuiden naar de Catlins: hier zijn weer heel wat mooie dingen te zien; ruwe kusten, een versteend bos uit de prehistorie, watervallen, heuvels vol schaapjes. Hier zien we ook zee-olifanten, opnieuw dolfijnen en een zeldzame soort penguïn (gratis J). Op Slope Point zitten we op het meest zuidelijke punt van NZ. Van daaruit vertrekken we via de westkust weer naar boven toe via de Southern Scenic Route en doen onderweg nog een wandeling door een typisch NZ bos. We rijden Fjordland in en boeken onze cruise door Milford Sound; een fjord uitgesleten door een vroegere gletsjer. Eindelijk de bergen in en de eerste besneeuwde toppen komen in ons vizier. Op de weg naar Milford vinden we een mooie plek om te kamperen met zicht op de bergen.

Kamperen is hier in NZ trouwens niet meer ‘free camping’ tenzij je een mobilehome met toilet en zo hebt en dan is het vaak nog beperkt. Je zo maar op een mooi plekje neerzetten gelijk het vroeger was, is nu verboden. In de plaats daarvan moet je gebruik maken van DOC campings (3,5 € pp) die beschikken over toilet en water (ook al is dat soms uit een rivier of meer zelf te halen). Ijskoud water en nog frisse temperaturen; dus in de buitenlucht een emmer over ons gooien zoals in Australië zit er niet meer in. Gelukkig is het ook niet zo warm dat we zweten, dus douchen kunnen we wel een aantal dagen overslaan. Soms zetten we ons dan toch maar op een dure camping om ons eens te kunnen wassen ;-) De DOC campings (van de regering) liggen wel vaak in natuurparken, dus zijn best mooie plekken!

Enfin, Milford Sound dus; we arriveren daar de volgende dag via een mooie rit door de bergen. De bergen weerspiegelen ’s morgens nog in het rustige water. De zon schijnt weer, we zien de bergen, maar het is nog steeds lente fris. Jammer dat er blijkbaar voor de rest niets te doen valt daar, want we hebben onze cruise pas in de namiddag. Vanaf de middag komt er een zeebriesje en dat hebben we weer geweten op de boot! Maar we vinden een goed plekje op het dek beschermd van de wind en genieten van de rondvaart in de fjord. Volgens Bart heb ik een verkeerd perspectief van de realiteit, want ik vind het best nog wel meevallen ‘hoe hoog het is’. Eerlijk gezegd ben ik niet zo onder de indruk van de fjord, Bart daarentegen wel. We zien ook weer zeehonden op een rots en twee pinguïns in het water jagen.

De dag erop rijden we weg uit Milford Sound en doen 2 kleine wandelingen naar watervallen en 1 serieuze wandeling naar een uitkijkpunt. De bergen hier zijn echt wel indrukwekkend en we hebben er erg naar uitgekeken. Maar om mooie dingen te zien in de bergen, moet je boven de bomenlijn uit geraken en dat betekent dus KLIMMEN… en daarvoor heb je dan weer een conditie nodig… OMG, ik heb echt afgezien – anderhalf uur non-stop omhoog… Bart heeft echt veel geduld; hij loopt gewoon op zijn gemak achter mij aan :-) Gelukkig eenmaal boven worden we beloond met 360° uitzicht over de bergen, dalen, watervallen en meertjes. Woaw!

NZ is trouwens echt een wandelland… ik ken wel enkele familieleden die zich hier zouden kunnen uitleven! Alles is heel goed bewegwijzerd en onderhouden en er zijn ontelbaar veel wandelkaarten met telkens weer een hele hoop wandelingen om uit te kiezen. We gaan voor de dagwandelingen; van 15 min tot een paar uur. Maar je hebt hier ook veel meerdaagse wandelingen, waarbij je ‘s nachts in hutten slaapt. We zien regelmatig wandelaars met een volle rugzak voorbij komen… en van alle leeftijden… respect!

Onze reis zet zich verder naar Queenstown, DE adrenaline en adventure stad ter wereld. Je kan het zo gek niet bedenken of je kan het hier doen; op het land, in het water en in de lucht. Een voorbeeld is dat je bvb kan gaan varen in een afgesloten kleine soort speedboot in de vorm van een haai (?!). Jetboats, raften, bungeespringen en skydiven zijn hier ook populair. Na wat onderhandelen over de prijs boeken wij hier ook de onszelf beloofde sprong uit het vliegtuig. Niet in Queenstown, want het blijft een paar dagen bewolkt hier, maar in Abel Tasman Nationaal Park, in het noorden van het zuideiland. Op 24 dec springen we vanaf 16.500 feet, oftewel 5.000 meter, met een vrije val van 75 sec!

We kopen een wandelkaart van in de buurt en besluiten ’s namiddags weer op zoek te gaan naar een mooi uitzichtpunt. Moeilijk kan dat hier niet zijn, want ‘the scenery’ hier is echt spectaculair, met bergen, rivieren en meren. Dat vonden blijkbaar ook de makers van de Lord of the Rings films, want heel wat scènes zijn hier in de buurt opgenomen. We rijden een eindje de bergen in en de rest naar de top van Mount Dewar (1310m) gaan we te voet. Weer een serieuze conditie beproeving! Maar hier waren we wel naar op zoek; breathtaking views! We hebben soms het gevoel dat we midden in een schilderij staan… Je kan het eigenlijk moeilijk vatten wat je ziet. We belonen onszelf ’s avonds met een hamburger bij de bekendste (en meest toeristische) zaak van de stad; heerlijk!! We slapen weer in een DOC camping aan de rand van het meer. Je kan hier als je wilt zelf naar goud gaan zoeken, maar dat geduld hebben we er dan weer niet voor.

De dag erna gaan we naar de ‘arts & crafts market’ in Queenstown – amaai nog nooit zoveel ‘wanna be’ kunstenaars met absolute rommel bij elkaar gezien! We besluiten dan maar om nog eens te gaan wandelen, ditmaal in Glenorchy, een stadje verderop langs het meer. We hebben niet zo een geluk met het weer, want het is vrij bewolkt. De wandeling duurt bijna 5 uur en blijkt geen goede keus te zijn; bijna 4u wandelen we door bossen en is er niets te zien. Als het nog begint te regenen, is het leuke er helemaal af. Jammer genoeg is de camping ook opgetrokken in mist. Ook de volgende dag blijft de bewolking hangen, we willen nog een wandeling doen, maar op weg ernaartoe met de auto moeten we een rivier oversteken die we net iets te diep vinden. We geven het op en rijden terug naar Queenstown, waar het ook weer bewolkt en miezerig is. We besluiten dan maar verder te rijden naar Mount Cook (de hoogste berg in NZ) in de hoop beter weer te vinden. Nope… no luck, het regent als we daar aankomen en we zetten ons dan maar op een camping met leefruimte, zodat we toch niet opgesloten zitten in onze camper.

De volgende morgen hebben we wel meer geluk; het ziet er vrij open uit aan de bergen en er staan een paar wandelingen op het programma. De eerste brengt ons via een aantal valleien bij de Hooker Glacier; mijn eerste gletsjer! (Bart heeft er al in Noorwegen gezien). We zien de top van Mount Cook zelfs af en toe achter zijn wolkensluier te voorschijn komen. De tweede wandeling brengt ons naar een andere gletsjer: de Tasman Glacier (de langste van NZ). Verwacht wordt dat je binnen 10 tot 20 jaar deze gletsjer niet meer zal zien; zo snel trekt hij terug. Beide gletsjers zijn bedolven onder grijs steengruis, dus niet zo mooi blauw als we verwacht hadden. Het water dat in de meren loopt daarentegen is bijna onnatuurlijk blauw door al dat gletsjerwater. Nog nooit zulk blauw water gezien (overal trouwens in NZ is het water bijzonder helder en vaak helblauw). Toch wel indrukwekkend om te zien. We zijn omringd door hoge bergen met witte sneeuwtoppen, hoewel vaak bedekt door wolken, en het is een mooie plek om te zijn! Ook best een gevaarlijke zo blijkt uit de info die we lezen in het visitor centre; er komen hier regelmatig mensen om bij de beklimmingen van de bergen, zelfs zeer ervaren klimmers. Gelukkig dan maar dat ik zo een slechte conditie heb; wij blijven op de gemakkelijke en ongevaarlijke paden (voor de oma’s onder jullie die anders ongerust zouden worden).   

We blijven slapen aan de voet van Mount Cook op een DOC camping in de hoop op een mooie zonsondergang of – opgang, maar de wolken zijn weer terug en dat zit er dus niet in. Wel horen we terwijl we ’s avonds nog even buiten zitten het regelmatig ‘donderen’ in de verste. Geen onweer, zoals we eerst dachten, maar wel lawines! Wel sjiek om die sneeuw zo van ver naar beneden te zien donderen.

Omdat de volgende ochtend de wolken nog steeds ons zicht verpesten, besluiten we maar weer om verder te trekken. We passeren een zalmkwekerij en kopen verse (!) sashimi en een filletke voor op de BBQ ’s avonds (wat héérlijk smaakte trouwens). We rijden naar Wanaka, het babybroertje of –zusje (?) van Queenstown. We doen hier weer een wandeling op een berg (Mt Iron) voor een mooi zicht over de omgeving. We trekken verder naar het Noorden voor de DOC Camping van die avond aan het meer van Wanaka. Het moet hier normaal heel mooi zijn, maar de hevige wind en regen verpest de normaal zo mooie views. We hebben hier in die 2,5 weken dat we hier zijn, nog geen korte broek kunnen dragen. Op zich heeft het ook een voordeel dat het zo bewolkt is; het is niet zo heet tijdens de wandelingen. Maar om eerlijk te zijn, word ik er wel slecht gezind van; zo zien we vaak ook niets van de mooie bergen en uitzichten…

Op de weg van Wanaka naar de West kust van NZ passeren we de volgende dag verschillende plekken waar je ‘blue pools’, watervallen of uitzichtpunten kan gaan bekijken. Het is weer koud en miezerig, de man van het tankstation vertelde dat 1 week geleden het hier nog 28° was… Sh*t! We maken die dag ook nog een wandeling door een kust-regenwoud in de hoop op het strand zeldzame pinguïns te zien, maar we zijn iets te laat in het seizoen. Weer een DOC camping aan een meer voor de verandering voor die nacht :-)

En dan zijn we eindelijk aangekomen bij VANDAAG! Vandaag zijn we richting de 2 meest bekende gletsjers gereden van NZ: Fox en Franz Jozef. Deze morgen wandelden we naar Fox; hier zie je al veel beter het blauwe gletsjerijs; er ligt niet zoveel puin op de gletsjer. We moeten op een veilige afstand blijven, want iedere dag beweegt de gletsjer (1m per dag groeit hij) en is er kans op vallend ijs. Je kan wel met een tour op het ijs geraken om er te wandelen, maar dat willen we in Argentinië gaan doen, dus dat laten we hier aan ons voorbij gaan. De rest van de dag besluiten we niet veel meer te doen (ze geven veel regen) en van de kans gebruik te maken op een camping onze blog en foto’s weer eens aan te vullen (ja, ik weet het, het werd tijd!).

Voila, dat was het; een verhaal van bergen en dalen, weiden vol met schapen, af en toe een scherpe zon, vaak hevige wind en regelmatig bewolking en miezerweer. Hele mooie dingen om te zien, jammer dat je ze niet steeds kan zien. In alle eerlijkheid; vooral ik word er slecht gezind van; Bart is keeping the good spirit!

Veel groetjes van ons twee aan ieder van jullie die dit leest en natuurlijk ook aan degenen die het niet lezen (men zegge het voort!).

Fijn om jullie reacties in de blog ook te lezen (of de mailtjes); keep it coming!

Karen en Bart

Reacties 7

Pierre 13-12-2013 08:46

Niet te veel woorden aan vuil maken: hier kom ik de eerste lange trip doen nà mijn pensioen ( dus dat is nog niet voor de eerste jaren )! Maar dan wel in het seizoen met de meeste kans op zon. Wat een geweldig land moet dat zijn. Gauw de foto's bekijken....

Pierre 13-12-2013 17:27

Foto's nu bekeken. Zou er dan toch een God bestaan? Wat doe ik hier nog? Ik kom er aan, mijn pensioen kan wachten....

Wivina 14-12-2013 00:39

Opnieuw een indrukwekkend verhaal. Ben ook al naar de foto's gaan kijken en ben zelfs door de beelden erg begeesterd. De wijdheid van het landschap moet enorm indrukwekkend zijn wanneer je daar als 'nietig' mensje tussen staat. Jullie hebben dan daar misschien niet alle dagen zon gehad, maar ik teken toch heel graag voor geen zon in NZ, dan geen zon in België . Dat wordt hier dus opnieuw gretig uitkijken naar jullie nieuwe belevingen, ervaringen, indrukken....

Annelies 14-12-2013 10:36

Super om weer te lezen! Hoe mooi kan de wereld toch zijn!
veel postkaart momenten!! We missen jullie...
xxx

Anneleen 14-12-2013 13:20

Wauw, Karen en Bart,
prachtig gewoon! Van zo'n paradijs kunnen wij hier alleen maar dromen en jullie staan er gewoon middenin! Jullie stralen op de foto's. xxx

Tim 14-12-2013 15:07

Nice !! En erg knappe foto's !!

harry 16-12-2013 10:20

Mooie foto's, mooie landschappen en mooie verhalen ...
Maar wat me opvalt is dat jullie er alle twee enorm goed en gelukkig uitzien! Kan natuurlijk moeilijk anders gezien de omstandigheden en jullie belevenissen, maar toch ...
Vind ik wel heel belangrijk als je zo ver van huis af zit en enkel elkaar hebt. Houden zo, zou ik zeggen!

Reageren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd

Blijf op hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van de belevenissen? Meld je aan voor de mailinglist

Eerdere reisverhalen

Reis blog, ook wel reis webblog genoemd, wordt mogelijk gemaakt door Around the Globe. "Ontmoetingsplek voor en door reizigers". Lees onze Disclaimer